Logo van Gemeente Noordoostpolder dat doorverwijst naar de homepage
Logo van Gemeente Noordoostpolder dat doorverwijst naar de homepage

LIOR - Verhardingen

Erwin Bos 0527 63 33 30 of erwin.bos@noordoostpolder.nl

Algemeen

Regelgeving en richtlijnen

De verhardingen in het openbaar gebied moeten voldoen aan de bepalingen conform:

  • Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom (ASVV 2021);
  • Richtlijnen maatregelen bij Werken in Uitvoering op wegen binnen en buiten de bebouwde kom.
  • Standaard RAW-bepalingen zijn van toepassing (2020).
  • CROW-publicatie 119: onkruidbeheersing bij elementenverhardingen.
  • Hanteer bij de (her)inrichting de wegcategorisering zoals vastgesteld in het GVVP.
  • Onkruidpreventie volgens CROW Online Kennismodule Onkruid en verhardingen.
  • Gebruik voor de maatvoering van wegen binnen de bebouwde kom de ASVV 2021 en het Handboek Wegontwerp (publicatie 328 t/m 330) van het CROW. Let hierbij op het onderscheid in wegcategorieën (erftoegangswegen, gebiedsontsluitingswegen en stroomwegen).
  • Toon bij het ontwerp van nieuwe verhardingsconstructies en de levensduur de berekeningen.

Situering

Gehandicapten moeten zonder problemen gebruik kunnen maken van de aanwezige openbare voorzieningen. Richt belangrijke looproutes hiertoe zoveel mogelijk obstakelvrij in. Op kruispunten trottoirs ter plaatse van oversteekpunten voorzien van rolstoelafritten.

  • Leg in looproutes verlagingen voor gehandicapten aan met:
    • een hoogteverschil van maximaal 0,02 m vanaf de weg of weggoot;
    • een minimale lengte van 0,75 m;
    • een minimale breedte van 1,20 m;
    • een maximale helling van 1:16.
  • Zorg dat de inrichting van de openbare ruimte is afgestemd op het gebruik door gehandicapten. Hanteer hierbij de richtlijnen integrale toegankelijkheid openbare ruimte (CROW-publicatie 177).
  • Leg bouwwegen zoveel mogelijk op de plaats van de definitieve wegen aan.
  • De ontwatering en de afwatering van verhardingen moet zeker gesteld zijn door voorzieningen op gemeentelijk terrein.
  • Gemeentelijke verharding dient minimaal 2 cm verwijderd te zijn van gevels van woningen. Dit voorkomt geluidsoverdracht. Een flexibele voegvulling tussen gevel en verharding wordt aanbevolen.
  • Houd bij het toepassen van asfaltconstructies en open verhardingen rekening met de volgende uitgangspunten:
    • woonstraat: verkeersklasse 3;
    • hoofdfietsroutes: verkeersklasse 3;
    • onderliggende fietsroute: verkeersklasse 2;
    • voetpaden: verkeersklasse 2;
    • overige wegtypen: verkeersklasse 4.
  • De opbouw van normaal belaste wegen is minimaal 0,80 m zand. Bereken daarbij de exacte opbouw. De elementenverharding moet op straatzand dik maximaal 0,05 m aangebracht worden.
  • De tegels of schelpen opsluiten door middel van betonbanden 60 x 200 mm.
  • Gebakken straatklinkers uitsluitend kwaliteit A4/12.
  • Alle bestratingen invoegen met brekerzand.

Bushaltes

Regelgeving/richtlijn/maatvoering

Ontwerp conform de CROW-publicatie/ (ASVV).

Materialen

  • Voer bushaltes uit in beton.
  • Fundeer rijwegen met een puingranulaat.

Drempels

Maatvoering

  • Pas drempels aan, aan de toegestane snelheid.

Materialen

  • Mogelijke materialen:
    • Betonelementen
    • Gestraat
    • Asfalt
  • Op erftoegangswegen met elementenverharding bestrate drempels met puinfundatie toepassen, op hoofdontsluitingswegen asfaltdrempels toepassen.

Fietspaden

Situering

Streef naar de situering van fietspaden met voldoende sociale controle.

Maatvoering

Een middengeleider in de rijweg dient minimaal 2,40m breed te zijn voor rustpunt bij oversteken fietser.

Materialen

  • Gebruik beton, tenzij dit niet kan als gevolg van kabels of leidingen onder het fietspad, of vanwege de beeldkwaliteit.
  • Gebruik betonnen EasyPath platen bij situaties met kabels en leidingen.
  • Gebruik rood beton bij (vrijliggende) fietspaden die onderdeel uitmaken van de hoofdfietsroutes naar het centrum binnen de bebouwde kom.
  • Gebruik grijs beton bij (vrij liggende) fietspaden buiten de bebouwde kom.
  • Gebruik bij fiets(suggestie)stroken, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, rood asfalt (door-en-door, zonder blanke bitumen) dan wel rode elementverharding met afwijkend textuur.
  • Plaat geen fysieke obstakels op de rijloper van fietspaden ter voorkoming van oneigenlijk gebruik. Indien obstakels toch nodig zijn, dienen deze te voldoen aan de volgende randvoorwaarden:
    • Uitneembaar.
    • Verlicht met een rood lampje in de top of reflectiemateriaal.
    • Ingeleid door een markering.
    • Sleutel afstemmen met toezichthouder/beheerder en hulpdiensten.
  • Bij het toepassen van kunststofapplicaties op asfaltverhardingen voor b.v. fietssuggestiestroken eerst goedkeuring van de opdrachtgever verkrijgen over merk en materiaaleigenschappen.

Parkeren

Regelgeving en richtlijnen

Ga uit van de CROW-publicatie 182 ‘Parkeercijfers-Basis voor parkeernormering’. De gemeente Noordoostpolder kan zwaardere normen hanteren.

Situering

  • Zorg voor optimale spreiding van parkeerplaatsen, maximaal 50m tot 100m loopafstand.
  • Bedrijven op het industrieterrein dienen op eigen terrein te parkeren.
  • Maak onderscheid tussen de parkeervakken, om te voorkomen dat auto’s parkeren op plaatsen die daar niet voor zijn bedoeld.

Maatvoering

  • Volgens de aanbevelingen van het ASVV 2021.
  • Stem de principematen af op de tegel- of steenmaten.
  • Maatvoering is exclusief banden.
  • Maak het parkeervak minimaal 2,50m breed bij haaksparkeren en minimaal 2,00m bij langsparkeren. Bij verhoogd langsparkeren minimaal 2.30 breed.
  • Bij een erftoegangsweg met een rijbaan van 5,5m breed, haaksparkeren: 4,65m + overstek 0,50m en een minimaal trottoir van 2,40m. Zonder overstek 5,00m.
  • Geen langsparkeren aan overzijde rijweg wanneer aan de andere kant haaks geparkeerd is.
  • Bij een erftoegangsweg met een rijbaan van 5,50m breed, langsparkeren: 2,00m breed x 6,00 – 7,00m lang, eindvak heeft een lengte van 8,00m.
  • Bij een gebiedsontsluitingsweg geen parkeren.
  • Bij (wijk)centra haaksparkeren: 5,50m rijbaanbreedte. Indien ook toeleveranciers gebruik maken van deze weg, de breedte aanpassen tot 6,00m.
  • Maatvoering voor infohavens: 26,00m bij 2,75m.
  • Bij haaksparkeren bij uitstulpingen van plantvakken of gras het vak 30 of 45 cm breder uitvoeren of uitstaptegels toepassen, 40x60x6 cm. Kleur tegel in overeenstemming met de kleur van de kantopsluiting.

Materialen

  • Zie CROW/ASVV.
  • Maak onderscheid tussen de parkeervakken, om te voorkomen dat auto’s parkeren op plaatsen die daar niet voor zijn bedoeld.
  • Zorg dat de gebruiker de verschillende verkeersfuncties duidelijk kan onderscheiden, bijvoorbeeld door kleur of patroonverschillen, in verband met juridische aansprakelijkheid.
  • Pas geen lichtkleurige verharding toe op plaatsen waar vervuiling door olie kan worden verwacht, zoals opstelplaatsen en parkeerhavens.
  • Voor grote parkeerplaatsen kan gekozen worden voor materialen waar Luxofit in is verwerkt om de reflectie van de openbare verlichting te versterken.

Rotondes

Maatvoering

  • Ontwerp conform de CROW-publicatie.

Materialen

  • Rammelstrook uitvoeren in creteprint. Kleur rood met cobble stones.
  • Banden buitenbocht geschikt voor zwaar verkeer.

 

Trottoirs/voetpaden/achterpaden

Maatvoering

  • Stem de breedte van de voetpaden en trottoirs af op de gebruikerseisen, zowel ondergronds als bovengronds. De minimale breedte van een voetpad naast een weg is 1,80m. Mocht er sprake zijn van kabel- en leidingtracé in het voetpad dan dient de breedte doorgaans al breder te zijn. (Zie betrokken disciplines als Groen, K&L en Openbare Verlichting).
  • Zorg voor natuurlijke gidslijnen zonder obstakels en met duidelijke begrenzingen voor visueel gehandicapten. Is dat niet mogelijk, breng dan in overleg met de gemeente aanvullende gids- en attentielijnen aan (eventueel klanktegels). Raadpleeg voor meer informatie de site van de Federatie Slechtzienden- en Blindebelang[
  • Gebruik de volgende uitgangspunten voor het afschot:
    • Tegels 1:50
    • Asfalt 1:50
    • Bss 1:40
    • Tuinen 1:50
  • Waterdoorlatende stenen 1:100.
  • Afwatering mag niet plaatsvinden naar privéterrein.
  • Leg als zodanig herkenbare in- en uitritten aan conform de vastgestelde norm van CROW nr. 68.

Situering

Kabelgoot in openbaar trottoir voor een thuis laadpunt/paal. Voor het plaatsen van de kabelgoottegel gelden de volgende afspraak/voorwaarden, die per bewoner individueel worden vastgelegd. Het toepassen van een kabelgoot zit in een proeffase.

  • De parkeerplaats tegenover uw voordeur grenst gelijk aan het openbaar trottoir. De kabelgoottegel wordt in het trottoir geplaatst en gaat niet door een gras- of groenstrook, weg of fietspad;
  • Het daadwerkelijke oplaadpunt staat op eigen terrein;
  • De parkeerplaats blijf door iedereen te gebruiken, na gebruik wordt de kabel direct opgeruimd;
  • De parkeerplaats blijft openbaar;
  • De aanvrager stemt deze voorwaarden goed af met zijn/haar buren;
  • De elektrische kabel is in goede staat. De aanvrager is elektrotechnisch gezien verantwoordelijk voor goed gebruik en onderhoud van de kabel;
  • De gemeente Noordoostpolder draagt de kosten voor de tegel en blijft eigenaar van de tegel;
  • De aanvrager betaalt de arbeidskosten voor het plaatsen van de tegel;
  • De gemeente kan de proef op elk moment beëindigen, om welke reden dan ook kunt u als aanvrager geen rechten ontlenen aan deelname van de proef;
  • Het werk wordt uitgevoerd door een door de Gemeente Noordoostpolder aangestelde aannemer die op contract werkt voor de gemeente Noordoostpolder.
  • Na bevestigen en akkoordverklaring van bovenstaande voorwaarden, zal het materiaal worden besteld. De huisaannemer zal contact met de aanvrager over de plaatsing van de tegels en het opstellen van een offerte.

 

Verkeersgeleiders

Materialen

  • Verkeersgeleiders uitvoeren met witte banden
  • met tussen de banden creteprint, kleur rood met
  • halfsteensverband.

Wegen

Algemeen

  • In 30-km gebied geen rijwegen van asfalt.

Maatvoering

  • Gebruik voor de bochtstralen de normen van ASVV.
  • Richt de 30 km zone in conform de normen van ASVV.
  • Maak in een 30 km zone maximale rechtstanden met een lengte tussen de 70 en 100m. Zorg voor een snelheidsremmende maatregel indien een rechtstand meer dan 100m is.
  • Zorg voor een vrije doorrijdbreedte van 3,50m en een vrije doorrijhoogte van 4,60m.
  • Breedte middengeleider conform ASVV.
  • Maak geen grondophogingen hoger dan 0,20m in de uitzichthoeken van kruispunten.

Materialen

  • Bij wegen binnen de bebouwde kom kantopsluiting toepassen.
  • Op wegen tot 60 km/uur geen ZOAB-constructies toepassen. Voor geluidsvermindering, geluidsarme dunne deklagen toepassen, conform de standaard CROW.
  • Geen slijtlagen toepassen als conserverende maatregel voor asfaltverhardingen. Het alternatief is (geluidsarme) dunne deklagen.
  • Berminfiltratie bij meer dan 1000 voertuigbewegingen verplicht.
  • Bij toepassingen van waterdoorlatende of passerende stenen dient door middel van een ontwerpberekening aangetoond te worden dat de fundering voldoende waterbergende en waterdoorlatend vermogen heeft.
  • Bij gebiedsontsluitingswegen dient de afwatering via bermpassage plaats te vinden.

Uitgangspunten verkeersbelasting:

  • Voor bedrijfswegen en bedrijfsafritten ca. 100 vrachtwagens per rijrichting per dag.
  • Voor erftoegangswegen 60 vrachtwagens per rijrichting per dag en een groeipercentage van 3% per jaar en een ontwerplevensduur van 60 jaar (CROW-publicatie 81).
  • Voor gebiedsontsluitingswegen 250 vrachtwagens per rijrichting per dag, een groeipercentage van 3% en een ontwerplevensduur van 40 jaar (CROW-publicatie 81).

Tabel: Standaard verhardingsmaterialen met toe te passen diktes

Weg categorie

Asfalt verharding

Elementen verharding

Beton verharding

Gebiedsontsluitingswegen

X

 

 

Erftoegangswegen

X

 

 

Woonstraten

 

PKF 80 mm dik

 

Voetpaden

 

BT 30x30x4,5 cm

 

Fietspaden

 

 

160 mm

Bedrijventerreinen

X

 

 

Inritten

 

BT 30x15x8 cm

 

Laad en losperrons

 

 

220 mm

Verklaring

  • BT =  Betontegel
  • PKF = Platkeiformaat